Maaike M. de Wolf – Mol - Een fietstocht omstreeks 1933

Mijn grootouders woonden op een boerderij met een tamelijk groot erf rondom huis en schuur. Tijdens de zomervakantie logeerde ik daar vaak. De jongste zus van mijn moeder woonde nog thuis. Op zekere dag kwam er bezoek. Een broer van mijn grootmoeder. Dat bezoek was zeker meer dan een week daarvoor aangekondigd middels een briefkaart. Halverwege de morgen arriveerde oud-oom Marien op de fiets. Hij hal al een hele tocht achter de rug want hij woonde op een boerderij achter Nieuw en St. Joosland. Hij oogstte veel bekijks want hij bereed een driewielfiets.
De fiets werd aan de kant gezet, maar toen de ‘grote’ mensen een maal naar binnen gegaan waren was de verleiding voor m’n tante toch wel erg groot om te proberen of ze op zo’n vreemde fiets ook wel kon rijden. ’t Eerste rechte stuk ging aardig, maar toen de bocht. Ze ging letterlijk tekort door de bocht. En daar lag het hele zaakje! Een droogrek had ze en passant ook nog tegen de vlakte gereden. Dus tante-fiets en droogrek moesten overeind geholpen worden.
Gelukkig geen beschadigingen aan de driewieler maar mijn neefje en ik kregen wel het consigne: ‘Denk eraanm jullie houden je mond.”Hebben we ook gedaan al was dat wel moeilijk want we waren natuurlijk ook wel erg geschrokken en … éénmaal van de schrik bekomen natuurlijk ook erg gelachen.