De Zeeuwse Klapbank neemt u mee naar de jaren 60 en 70 van de vorige eeuw. Toen hebben het Meertens Instituut en de Vakgroep Nederlandse Taalkunde van de Universiteit Gent een groot aantal dialectopnames gemaakt in het hele Nederlandse taalgebied. Het is deze geluidscollectie die de basis vormt voor de fragmenten die u op deze website bij de Taalbank kunt beluisteren. Verspreid over de hele provincie zijn ongeveer dertig fragmenten geselecteerd die u iets laten horen over het leven van toen. Mensen vertellen over een van de meest tekenende gebeurtenissen in Zeeland, de Ramp van 1953. Zeeland is een agrarische gemeenschap en dat resulteert in een tiental fragmenten over vlas, meekrap, dorsen, werken met paarden, met andere woorden het leven op de boerderij van toen. Alledaagse dingen vertellen u over het leven zoals het was. U hoort enkele fragmenten over gebruiken, visserij, ontspanning enz.
Ook niet-dialectsprekers kunnen gerust meeluisteren. Bij elk fragment is een uitgeschreven vernederlandste tekst aanwezig. Op die manier is het gemakkelijker om de fragmenten te volgen.
Voor meer verhalen uit Zeeland (86 Zeeuwse fragmenten) verwijzen we u ook nog naar www.meertens.knaw.nl/soundbites/
Jacobus (°1913) vertelt aan Johan Taeldeman wat er gebeurde in Breskens tijdens de watersnoodramp in 1953.
Een kleermaker (°1889) en een onbekende spreker uit Bruinisse vertelt over twee rampen in Bruinisse, die van 1911 en die van 1953.
Een landbouwarbeider (°1903) en zijn echtgenote (°1904) vertellen hoe zij de nacht van de ramp hebben doorgebracht.
Een verhaal over de ramp in Hoofdplaat. De sprekers zijn een verzekeringsagent (°1910) uit Hoofdplaat en de opnameleider van de Gentse universiteit.
Een klompenmaker/schoenhandelaar (°1921), een winkelier (°1918) en de zus van de winkelier (°1919) halen herinneringen op aan de watersnoodramp.
Een avondje uit naar de loterijclub eindigt anders dan verwacht in 1953.
Een schoenmaker (°1888) vertelt over de ramp in Rilland en hoe mensen probeerden te vluchten.
De opnameleider van het Meertens Instituut praat met een landarbeider (°1895), zijn niet-Zeeuwse echtgenote en een timmerman (°1892) over de watersnoodramp in 1953.
Prudent, gemeentebode (°1903) vertelt aan Johan Taeldeman wat er gebeurde tijdens de nacht van de ramp in 1953.
Een kapitein van een reddingsboot (°1917) vertelt over de nacht van de ramp, hoe ze onvoorbereid met de boot aankwamen en merkten dat alles onder water stond.